Weblog Laurens ten Dam
"Herstel en revalidatie"
19|07|10 Laurens ten Dam
Vier en een halve week.
Precies zo lang is het geleden dat ik wakker werd onder een of andere
vangrail in Zwitserland. Ik had een bocht gemist in de eerste rit van
de ronde van Zwitserland en ik vroeg aan wie ik maar zag waar ik was.
Terwijl ik de ambulance in werd geschoven hoorde ik mezelf aan de
dokter vragen of ik niet verder mocht fietsen.
Gelukkig was deze Zwitserse dokter een wijs man, en verbood hij mij
verder te rijden. In het ziekenhuis werden 2 afgebroken botjes van mijn
ruggenwervels (voor de kenners L4 en L5) geconstateerd, evenals een
gebroken pols. Ook werd mijn kin gehecht en had ik een pracht van een
blauw oog. De Zwitserse doketer schatte de hersteltijd, de tijd dat ik
weer voorzichtig op de fiets mocht kruipen op ongeveer 6 weken.
Nu vier en een halve week later bevind ik me in een Ospizio bovenop de
Berninapass om de Vuelta voor te bereiden. Ik heb een vol
trainingschema opgestuurd gekregen van Louis Delahaye en alles lijkt
erop dat ik mijn lichaam weer volledig kan belasten. Een wonderlijk
snel herstel? Ja. Zonder slag of stoot? Nee zeker niet. Daarom volgt
hier een korte beschrijving.
Na twee nachten ziekenhuis te Sion waarvan de eerste nog in een heerlijke
morfineroes werd beleefd ben ik opgehaald door mijn eigen
privé-ambulance. Ambulanciers van dienst waren mijn vrouw Thessa en
mijn maat Colin. Deze vakantieachtige roadtrip bracht mijn gehavende en
gebutste lichaam en vooral mijn geest volledig in de vakantiestemming.
Dat hele fietsen kon mij na alle pech dit jaar (ook al een scheurtje in
mijn bekken begin februari) gestolen worden. Vanaf mijn bed achterin de
Chevy brulde ik om de haverklap de wildste vakantieplannen richting de
voorste twee stoelen. Bij de eerste de beste Buffalo Grill moest en zou ik
stoppen om de grootste T-bone steak met friet en een halve liter laf
Frans bier soldaat te maken.
Colin bracht mij de volgende morgen richting Amersfoort voor een extra
controle in het ziekenhuis van de ploeg. En zoals het een echte vriend
betaamt, zette hij me weer op het juiste pad. Hij vertelde me
onomwonden dat hij me niet dat hele godvergeten eind had opgehaald
zodat ik de rest van het jaar lekker uit kon lummelen. Ik moest deze
val ombuigen in een 'edge' op mijn concurrenten. Volgens hem had ik het
hele jaar nog niets afgezien, en zou ik okselfris aan de Vuelta kunnen
beginnen. Ik moest die vakantieplannen maar begraven tot na de Vuelta.
Na enig tegensputteren, vooral op het gebied van niet afzien, ging ik
akkoord en stelden we een goed klassement in de Vuelta als doel.
Met dit gesprek in mijn achterhoofd strompelde ik het ziekenhuis in. De
Zwitserse diagnose bleef staan, maar van de ploegdokters mocht ik al
voorzichtig beginnen met bewegen zolang het niet teveel pijn deed. Dit
deed mijn moraal richting de Vuelta nog verder stijgen.
Ik mocht dus weer bewegen. Een zegen voor een renner in
top(tour)conditie. Ik wist me met mijn energie geen raad. Ik weet niet
of de dokters dit met voorzichtig bewegen bedoelden, maar een dag na
het ziekenhuisbezoek wandelde ik op mijn dooie akkertje naar Smeermaas
(een tochtje van 5 km) om mijn daar achtergelaten auto op te halen. Vijf
dagen na mijn val. Ik probeerde zo snel als mogelijk mijn grenzen te
verleggen. Daarbij kwam ik mezelf natuurlijk een keer onherroepelijk
tegen. Buigen mocht ik nog niet maar ik had bedacht dat als ik op mijn
gewone fiets fietste mijn rug recht bleef. Zo haalde ik Thessa over om
zondagochtend precies een week na mijn val een rondje met me te gaan
fietsen. Ik stelde een rondje Vise voor. Normaal een uitrijrondje wat
ik binnen een uur afhaspel. Nu deden we daar bijna 3 uur over. En dat
lag zeker niet aan Thessa! Ik moest bij iedere minieme stijging van het
wegdek van de fiets. Ik was vergeten dat bij bergop rijden er veel
kracht uit je onderrug komt. Ook als je rechtop zit. En laat ik nu net
die rug een week eerder gebroken hebben…
Aguajoggen dan maar. Een week lang ben ik iedere morgen om 7 uur het
water van zwembad Heer ingedoken. Ik begon het vroege opstaan en
nuchter joggen zelfs lekker te vinden. Ik het warme weekend werd het
nuttige met het aangename gecombineerd. Tijdens een stranddagje aan de
Maas in Oost-Maarland aquajogde ik de Maas over. Dit alles met de
Vuelta als doel voor ogen.
Na de nodige behandelingen van de osteopaat van de ploeg en hierna de
nabehandeling kon ik zelf s weer voorzichtig aan fietsen denken. De
eerste tochtjes werden gemaakt en na een gesprek met Ploegleider Nico
en trainer Louis werd inderdaad de Vuelta als een haalbaar doel
gesteld. En voor een goed klassement in de Vuelta was een hoogtestage
onontbeerlijk volgens Louis. Hier was hij in het ziekenhuis in
Zwitserland al over begonnen, maar daar had ik op dat moment totaal
geen oren naar. Toen wilde ik alleen maar Bier en Barbecue in de
Provence. Maar nadat Colin mij een schop onder mijn hol had gegeven was
ik weer bereid alles hiervoor te doen en te laten. En als dat betekende
dat ik weer 15 dagen op een of andere berg in Zwitserland moet zitten
doe ik dat graag.
Dus zo zit ik hier nu, vier en een halve week na mijn crash. Samen met
teammaat Steven Kruiswijk zijn we twee dagen geleden hiernaartoe gecrost
met een auto vol fietsen, wielen, kleding en sportvoeding. Iedere dag
gaan we onszelf afbeulen op die passen hier. S middags vormt de Tour
een welkome afleiding. Het gaat nog niet zoals het ging, maar er zit
duidelijk verbetering in. Vuelta here we come!
"Dwangarbeiders van de weg"
23|03|10 Laurens ten DamHet eerste boek dat ik ooit las over wielrennen was een strip. Dat stripboek beschreef de ontstaansgeschiedenis van de Ronde van Frankrijk. Met rode koontjes las ik deze strip die ik gevonden had in mijn vaders rijk gevulde boekenkast. Prachtige plaatjes gaven inzicht alle facetten van de prehistorie van de Tour. Vanaf toen was menig anekdote van "De Neel" mij allang bekend. En dankzijde tekeningen in dat boek kan ik er nog een beeld bij schetsen ook.
Een van de zinsneden in dat boek zal ik nooit vergeten. De legendarische oprichter, journalist, parcoursbouwer, wedstrijdcommissaris en ik weet niet welke functie hij nog meer allemaal bekleedde, Henri Desrange (zelf trouwens de trotse bezitter van het allereerste wereldduurrecord ooit gereden) noemde de heren coureurs na weer een helse etappe van meer dan 400 km de "dwangarbeiders van de weg."
In 1903 was de eerste Tour de France. Het begin van de vorige eeuw. Het wegennet in Frankrijk was nog lang niet zo uitgebreid als nu. Hele regio's in dat uitgestrekte land lagen nog geisoleerd en aanleg van wegen maakte grote delen van het land beter bereikbaar. Een weg bouwen is nu zwaar werk, maar een eeuw geleden was het nog veel erger. Het was met recht een hondenbaan. Zwaar, vies en gevaarlijk. Op een dag toen de coureurs na weer een rit met een nachtelijk vertrek en een finish in de vroege avond vies, bemodderd, bebloed en bezweet aankwamen, vergeleek Desrange hen met wegenbouwers.
Twee weken geleden beleefde Catalonie de zwaarste storm en sneeuwval van de afgelopen 30 jaar. Aan de Costa Brava lag een halve meter sneeuw en de wind zorgde voor veel problemen. De stroomvoorziening komt maar traag op gang en in de bergen van het achterland zorgen omgewaaide bomen voor veel problemen in het verkeer.
Nu is Catalonie de meest welvarende en toeristische provincie van heel Spanje. De problemen moeten volgens de regering dan ook zo snel als mogelijk worden opgelost. Om alle troep op te ruimen zijn dan ook duizenden "gastarbeiders" uit het minder welvarende zuiden van Spanje overgekomen om zichzelf uit de naad te werken en Catalonie weer in het zadel te helpen. Ongeveer rond dezelfde tijd dat die sneeuwstorm Catalonie plat legde, lag ik zelf ook plat. Plat op de bank welteverstaan. De heren doktoren hadden mij na een val in de eindsprint van de 2e etappe van de Ruta del Sol een week bedrust voorgeschreven. Na die week krabbelde ik langzaam weer op en begon ik plannen te maken voor mijn rentree. De ronde van Catalonie, daar moet ik mijn comeback maken. Anders kan ik de klassiekers zeker vergeten zo houd ik mezelf voor.
Om mezelf de benodigde klimkilometers in de benen te bezorgen ben ik al een week eerder vertrokken. Zo bevind ik me nu al enkele dagen in een van de goedkopere hotels, ik ben en blijf een Hollander, van Girona. Ik deel dit hotel met zo'n 200 "gastarbeiders". Waar zij met hun bemodderde schoenen iedere ochtend door het hotel stampen, rijd ik iedere middag mijn smerige fiets vrolijk door de gangen mijn hotelkamer op. In de bergen groet ik ze vriendelijk als ze met kettingzagen de omgewaaide bomen te lijf gaan om de weg vrij te maken zodat ik weer zonder problemen iedere dag 5 tot 6 uur rond kan rijden. En 's avonds lopen we gebroederlijk naar het restaurant. Hier eten we grote borden vol krachtvoer. Zij drinken bier en ik zit aan een colaatje. Om het hardst juichen we voor het fantastisch spelende Barcelona. De eerste twee keer betaalde ik gewoon de volle mep, maar om te bewijzen dat ik er echt helemaal bij hoor wil de baas dat ik nu voor het eenvoudig maar doch voedzame 3-gangen menu ook maar een tientje betaal. Voldaan lopen we weer naar ons hotel om hondsmoe in een diepe slaap te vallen. Morgen wacht er weer een zware dag!
Had Henri Desrange gelijk met zijn vergelijking? Natuurlijk kan je het leven nu niet vergelijken met dat van een eeuw geleden, maar de essentie blijft hetzelfde. Honderd jaar na zijn legendarische woorden gaat het nog steeds op. Coureurs zijn als de "dwangarbeiders van de weg!"
"Trainingskamp Spanje"
18|12|09 Laurens ten DamGisteren ben ik vertrokken naar mijn eerste trainingskamp naar Spanje. Ik ben het slechte weer in Nederland zat en zal de broodnodige kilometers in de zon afmalen. Ik schrijf broodnodige kilometers omdat ik door het slechte weer en een verkoudheid in de eerste trainingsweken van het nieuwe seizoen een kleine achterstand heb opgelopen. Ik heb nog niet zoveel op de fiets gezeten als ik wel zou willen. Hier gaat de komende twee weken dus verandering in komen.
Mijn trainingsmaatjes zullen daar zijn. Karsten Kroon, Bram Tankink, Paul Martens, Floris Goesinnen en mijn broertje Arjen. Samen hebben we een groot huis gehuurd in de heuvels van Benidorm. Dit doen we nu al 3 jaar op rij.
Ik heb er zin in om daar echt te gaan trainen. We hebben een mooie groep en als het weer meezit zullen we 2 superweken hebben daar. Als ik terugkom zal ik de conditie opnieuw evalueren en aan de hand daarvan beslis ik of ik na de kerst nog een week weg ga voordat ik met de ploeg op trainingskamp ga.
"Koers!"
09|09|09 Laurens ten DamInmiddels zitten we zo’n 6 a 7 weken na de finish van de laatste etappe van de Tour. Ik zeg het al, 6 a 7 weken, ook ikzelf ben de tel een beetje kwijt geraakt de laatste weken.
Nu leek het mij de laatste dagen van de Tour wel een goed idee toen Breuk opperde dat ik een tijdje van mijn welverdiende rust mocht genieten. Na een zware Giro met het verdedigen van het roze van onze Denis en een zeker zo zware Tour door allerlei fysiek malheur werd het tijd om de batterij weer eens helemaal op te laden.
We waren het er dus snel over eens. Ik kreeg een vrijbrief wat betreft het rijden van de criteriums. Ik mocht rijden wat ik wilde. Pas in de ronde van Engeland zou ik weer een officiële koers rijden. Hier zou ik het najaar voorbereiden. Met het najaar doelden we op een eventueel WK en de Italiaanse koersen tot en met Lombardije.
Omdat ik een jaar eerder verstoken bleef van het criteriumcircus vanwege deelname aan de Olympische Spelen, ben ik er dit jaar met volle overgave ingedoken en heb ik er ook maximaal van kunnen genieten. En wat was het druk alle avonden. Super. Ik had mijn vrouw en een vriend mee en zo zijn we enkele dagen in onze Chevy door Nederland getrokken. Een prachtige roadtrip was dat.
De eerste 2 weken waren zo aardig gevuld. Geen tijd om me te vervelen dus. Maar na zo’n 1,5 week geen wedstrijden te hebben gereden merkte ik dat ik onrustig werd. Ik ging mijn kick in andere zaken zoeken en ging opeens surfen en waterskiën om mijn adrenalinepijl op het gewenste niveau te houden.
Maar die randzaken zijn natuurlijk niet heel bevorderlijk als je nog een goed najaar wilt rijden. Ik kan u vertellen dat wielrenners 3 dragen spierpijn hebben als ze eens voor de lol een uurtje achter een speedboot gaan hangen. Dus er moest iets anders gevonden worden om die koershonger te stillen.
In eerste instantie lukte dat aardig met enkele wedstrijdjes op sportpark Sloten in Amsterdam. Met een nummer op en zelfs een heuse chip op mijn fiets voelde ik me weer coureur. Het ronderecord werd een doel en wat baalde ik dat het te hard waaide om dat prestigieuze record van Koos Zut, met wie ik nog een keer het NCK heb gereden, af te pakken.
Maar de honger was nog niet gestild. Er moest iets nieuws verzonnen worden. Er werd gesurft op het internet om te kijken of er nog veel kermiskoersen bestonden. Die koersen die ik in het begin van mijn loopbaan zoveel heb gereden. En dat deden ze! En zo vond ik mezelf vorige week woensdag terug in een onooglijk lokaaltje in Geraadsbergen. Wat een contrast met de Champs- Elysees! Samen met nog 225 andere gelijkgestemde zielen stond ik me in te schrijven voor de 93e (ik kan er iets naast zitten) stadsprijs. De oudste kermiskoers van België. Ik had mijn tubewieltjes weer van stal gehaald en ploegmaat Jos van Emden zover gekregen dat hij met me meeging. Hij keek zijn ogen uit. Dat was wel wat anders dan de koersen die wij normaal rijden. Geen gerieflijke bus vol eten en douches met de fietsen die voor ons gereed stonden. Nee we stonden in ons blote nakie op een grasveld onszelf om te kleden nadat we onze trainingsfietsen in elkaar hadden gezet. En buiten de 2 bidons die ik op mijn fiets gezet had moesten we in de koers her en der maar een beetje drinken zien te bietsen bij andere coureurs en ploegen.
Maar wat hebben we genoten! Het was heerlijk om na zo’n tijd weer eens echt erin te kletsen te demarreren en een finale te rijden. Uiteindelijk werd Jos nog 10e en liet ik me de laatste kilometers eens lekker uitbollen. Tevreden werd de terugreis hervat.
En nu staat zaterdag de Ronde van Engeland op het programma. Mijn eerste officiële koers weer voor Rabobank. Maar niet voordat ik donderdag nog de kermiskoers van Izegem heb gereden. Ik heb de smaak van die koersen weer te pakken. Het is daar waar de basis van de sport ligt. Met plezier naar de koers gaan en er lekker in kletsen met zijn allen. En na afloop mag de typisch Belgische pint natuurlijk niet ontbreken!
"Sneeuw in juni"
16|06|09 Laurens ten Dam2 periodes waarin ik goed wil zijn dit jaar heb ik me gesteld in december. Inmiddels is de eerste achter de rug en dus tijd om te evolueren. Een groot gevoel van tevredenheid overheerst. Als je in de Giro de roze trui over de bergen mag loodsen voel je je een bevoorrecht coureur en kan je net dat trapje meer doen. En mijn eigen uitslagen bergop in de eerste week dragen bij aan dat gevoel van tevredenheid. De planning heeft gewerkt, en het is toch altijd prettig om te constateren dat je weer een stap in je ontwikkeling hebt gemaakt.
Maar zoals ik al zei heb ik twee doelen dit jaar. Naast de Giro ook de Tour. Dit betekent dus dat ik niet om mijn lauweren kan gaan rusten, maar dat de voorbereiding op de Tour al in volle gang is. Zo ben ik na mijn thuiskomst maandag, vergezeld door een katerig gevoel na het intieme feestje van de ploeg zondagavond maar dit terzijde, vrijdag alweer vertrokken naar Sankt Moritz.
Ja 3 volledige dagen thuis had ik, net tijd genoeg om mijn kleren te wassen, 2 keer te eten bij vrienden, een planning te maken richting de tour met Louis en de auto vol te pakken met fiets, tijdritfiets, hersteldranken, kleding en gereedschap. En weg was ik richting de hoogtestage in Sankt Moritz en de verkenning van de belangrijkste Alpencols.
Dit brengt mij bij de titel van het verhaal. Het is hier de afgelopen dagen dus baggerweer geweest. Nu was dat de eerste drie dagen niet zo’n probleem, er stonden enkel lichte trainingen op het programma om aan te passen aan de hoogte en nog te herstellen van de Giro. Deze lichte trainingen werden gecombineerd met wat toeristische uitstapjes.
Maar vanaf vandaag werd er weer getraind volgens de planning. Samen met ploegmaat Tom “Stammie” Dus hebben we sneeuw gezien in juni, en niet zo’n beetje ook. Het was koud op onze route Sankt moritz – Livigno en terug. 3 graden en regen op een gegeven moment. Maar met het filmpje van King Lance hemzelf nog vers in mijn achterhoofd (
www.livestrong.com) ploeterden we voort over de besneeuwde bergpassen. En de taart in Livigno was een welverdiende beloning!
"Il Centenario"
07|05|09 Laurens ten DamDe 100e Giro begint over 3 dagen. Vandaag reis ik af naar Venetië waar het spektakel zaterdag begint met een ploegentijdrit over welgeteld 20,5 km. Een waar spektakelstuk zal volgen. Wat te denken van een bergrit van 79 km met aankomst op de “blockhous”. Of een koninginnenrit langs Sestrieres van 260 km, bijna 8 uur in het zadel? Maar dit is niet het enige. De organisatie heeft ook nog het lumineuze idee opgevat om een zeer lastige tijdrit van 61,5 km in te gelasten. Onmogelijk te doen op de tijdritfiets, dus er zullen oude tijden herleven als wij met de handen in de beugel ruim 1,5 uur tegen de klok aan het strijden zijn. De Vesuvius doen we ook nog aan en dan wordt deze “Centenario” afgesloten in Rome met een tijdrit langs het Forum Romanum en waar we finishen als echte gladiatoren uitgemergeld en wel bij het Colosseum. En in de ritten tussen deze hoogtepunten door is werkelijk geen meter vlak te vinden. De organisatie stelt ons dus voor een loodzware opdracht. Maar daar is het dan ook de 100e voor nietwaar?
De renners zelf zullen met geslepen messen aan de start staan. Deze Giro leeft enorm binnen het peloton en dat is te merken aan het zeer sterk bezette veld. Wat te denken van Armstrong, Leipheimer, Sastre, Basso, Garzelli, Simoni, Cunego, Brusegin, Menchov, Kloden, Di Luca en zo kan ik nog wel even doorgaan. De spurtbommen als Cavendish en Petachi zijn natuurlijk ook van de partij.
Wie is de favoriet? Ik gok op Basso. Waarom? Ik heb zijn voorbereiding 2 weken lang van zeer dichtbij kunnen volgen. Het was wel grappig ik wilde me op deze Giro als een kluizenaar voorbereiden. Dus ik boekte voor 18 dagen een hotel op de hoogste bergtop van Spanje, El Teide op Tenerife. 18 dagen alleen mezelf pijnigen op deze bult leek mij een goed idee om in de juiste vorm voor de Giro te komen. Hier bleef de Fun dus ietwat achterwege en kwam het vooral op Focus en Fighting aan. Wat schetst mijn verbazing als ik daar aankom? Op die door god en iedereen verlaten berg kom ik 20 Italiaanse coureurs tegen. Het hotel zat er vol mee! Ivan maakte een serene indruk op me en heeft daar getraind als een beest. Een week later won hij de Giro del Trentino en reed hij ook nog ff mee in Luik, terwijl ik voor Pampus op de bank lag te herstellen van al die zware trainingen.
En ikzelf dan? Ik ben zeer tevreden over mijn conditie. Het voorjaar is perfect verlopen zonder ziektes en valpartijen en na mijn weekje bankliggen terwijl Ivan furore aan het maken was pakte ik afgelopen week ook nog de roze bergtrui in Romandie mee. De conditie is dus goed en Ik moet zeggen die kleur smaakte naar meer!
"Hoogte"
11|04|09 Laurens ten DamInmiddels zit ik alweer een ruime week op “El Teide”. Al een week bevind ik me boven de 2000 meter buiten die paar keer dat ik me naar beneden heb laten rollen en ik die klim van 40 km weer ben opgekropen.
Ongeveer hetzelfde verhaal als voor hoogtetraining geldt voor het ontstaan van deze berg. We weten dat het iets met vulkanische activiteit te maken heeft, maar precieze hoe en waarom zijn we nog niet uit. Wat er precies met je lichaam gebeurt op grote hoogte zijn de wetenschappers nog niet uit, maar dat er “iets” gebeurt is wel duidelijk. Er zijn verschillende theorieën die de ronde doen over hoogtetraining in de wereld van de trainers, dokters en inspanningsfysiologen. Nu worden we even heel technisch, maar zo zou het verblijf op hoogte de productie van lichaamseigen EPO stimuleren zodat je bloedbeeld verandert. Je lichaam past zich aan het verblijf in de ijle lucht aan door het zuurstoftransportvermogen van het bloed te verhogen.
Maar dit is niet het enige voordeel van de hoogtestage. Zoals Louis Delahaye, trainer van de Rabobankploeg, mij altijd vertelt is het sleutelwoord van het trainen van een lichaam adaptatie, aanpassing dus. Nu schijnt het lichaam zich ook aan te passen aan de training op hoogte door de doorbloeding van de spieren zelf te verbeteren. Er worden meer haarvaatjes gevormd en de zogenaamde “capillaire dichtheid” verbetert. Een voordeel op meerdere fronten dus. Je bloed wordt verrijkt en je spieren worden “malser”, wat wil je nog meer? Maar zo makkelijk is het ook weer niet en zijn er “mitsen en maren”. Zo kan je op hoogte minder hard trainen, simpelweg omdat er minder zuurstof aanwezig is en je minder arbeid kan leveren dan in een zuurstofrijke omgeving. Dit zou een groot deel van de voordelen net opgesomd weer teniet kunnen doen. Zo erg zelfs dat het totale effect negatief is. Vandaar dat de trainers weer met een nieuwe theorie kwamen, het Live High Train Low principe. De naam zegt al genoeg denk ik. Het voordeel van de beter doorbloede spieren wordt natuurlijk wel weer kleiner bij laag trainen. Maar je spieren behouden hun power, doordat je ze maximaal kan belasten.
Tot zover de theorie. Nu de praktijk. Hoe reageerde mijn lichaam? Nu ik kan u vertellen dat de eerste paar dagen zwaar waren. Ik kwam de trap zonder te hijgen niet op, bij het opstaan klopte mijn hart al in mijn keel en als ik 2 uur getraind had op toeristentempo bleef ik eerst een half uur op bed liggen voordat ik mezelf doodmoe richting de douche begaf. De eerste 3 dagen ben ik ook boven gebleven zodat mijn lichaam zo snel als mogelijk “adapteerde”. En dat doet het. Inmiddels ren ik als een hinde de trap weer op en is mijn hartslag weer normaal. De zware trainingen mogen van mij komen. Om mijn lichaam nog extra te prikkelen heb ik zelfs op mijn welverdiende rustdag een flinke wandeling gemaakt op 3500 meter. Ik voelde me net een Sherpa! Mijn lichaam heeft dus gereageerd en zichzelf aangepast aan de moeilijke omstandigheden waaraan ik het blootstel. Wat een mooie machine is het toch!
Maar we gaan nog even terug naar de theorie. Er schijnt over de hele wereldbevolking een percentage van 25% zogenaamde “Non-Responders” te bestaan. Een groep die totaal geen voordeel en misschien zelfs nadeel van de hoogtestage ondervindt. De enige manier om dit vast te stellen is wat de wetenschapper zo mooi “proefondervindelijk” noemt. Met dat ondervinden ben ik dus bezig en daar ben je dan mooi klaar mee als je hier 18 dagen bovenop die vulkaan gezeten hebt en je blijkt een zogenaamde “Non-Responder” te zijn!
"El Teide"
08|04|09 Laurens ten DamDe naam van de berg waar ik de komende 18 dagen huis. Het is de naam van een vulkaan op Tenerife. Of is Tenerife niet eigenlijk een grote vulkaan? In ieder geval hier zal ik de komende 18 dagen verblijven in het Parador hotel op ruim 2100 meter hoogte, waarvandaan ik een prachtig uitzicht heb op de hoog boven mij uittorende: "El pico del Teide". Dit is de vulkaankrater en het hoogste punt van de berg en van heel Spanje ook trouwens met zijn 3700 meter. Ik zit hier op een vulkaan waar de laatste activiteit of eruptie begin 20e eeuw heeft plaatsgevonden en de laatste grote uitbarsting eind 18e eeuw. Hij is ongeveer 300 miljoen jaar geleden ontstaan, maar de manier waarop zijn de wetenschappers geloof ik nog niet helemaal uit. Overdag is het in het hotel en de bijbehorende cafetaria een drukte van jewelste door de vele dagjesmensen, terwijl 's avonds er een weldadige rust over dit nationale park neerdaalt en de stilte overheerst.
Tot zover de toeristische uitleg over deze vulkaan. Ik zal nu proberen een uitleg te geven over de vraag die bij u, maar misschien ook een beetje bij mezelf door het hoofd spookt. "Wat bezielt Laurens ten Dam om in dit door God verlaten oord helemaal alleen bovenop een vulkaan te zitten en niet de klassiekers te rijden?"
Zoals ik al aangaf vraag ik het mezelf ook wel eens af een dezer dagen als ik die hotelkamer 's avonds weer opzoek en druk de 4 Spaanse zenders, waar de Ronde van Vlaanderen nota bene niet eens op werd uitgezonden, langs zap. Maar dit heeft te maken met bepaalde keuzes die ik in december gemaakt heb. In overleg met ploegleiding en trainer is besloten dat ik dit jaar start in de Giro en de Tour. Dat betekent dat er in mijn agenda sinds begin december 3 weken in mei en 3 weken in juli met rood staan omcirkeld. Alles staat dit jaar in het goed rijden van die 2 rondes. En zo heb ik mezelf ook vrij gemakkelijk laten overtuigen door diezelfde ploegleiding en trainer om de klassiekers te laten schieten. Je kunt nu eenmaal niet in april, mei én juli top zijn. Zoals ik al aangaf ging dit overtuigen de begeleiding vrij gemakkelijk af. Ze werden hierbij geholpen door mijn in het water gelopen najaar, dat nog vers in mijn herinnering lag. Nadat ik in de Tour en direct daarop op de Spelen in China te diep in het rood gegaan was kwam ik er niet meer bovenop en moest ik zelfs afzeggen voor het WK en de ronde van Lombardije. Volledig gesloopt was ik eind september. Na mijn besluit om met het seizoen te stoppen na de ronde van Polen heb ik zelfs een week in bed moeten liggen om te herstellen. Alle weerstand was weg en ik lag een week ziek in bed met buikgriep en meer mysterieuze kwalen. De mythe dat ik met mijn antikraakverleden nooit ziek kan worden was meteen de wereld uit!
Geen klassiekers dus en zelfs geen koers in de maand april. Die maand moest anders ingevuld worden. Omdat ik nog nooit op hoogtestage ben geweest ben ik in de overtuiging dat daar voor mij nog winst te behalen is. Aangezien in de maand april de Pyreneeën of Alpen, waar de bekende bulten liggen waarop sporters gaan zitten, geen optie zijn vanwege het onzekere weer werd Tenerife als locatie uitgekozen.
Daarom zit ik dus de komende 18 dagen op "El Teide".
"Fun Focus Fighting"
26|03|09 Laurens ten DamOns nieuwe motto van dit seizoen. Vandaag de Koninginnenrit in de Ronde van Castilla y Leon en alle drie de peilers waren aanwezig. Wat een prachtige rit hebben we gereden vandaag. Spanning, strijd en sensatie. Alles zat erin. Dit in tegenstelling tot gisteren waar de finale door de wind op kop een matte bedoening was en er een nog nooit vertoonde massasprint op 1600 meter hoogte tussen de sneeuw aan de kant van de weg werd gewonnen door Alejandro Valverde.
De reputatie van de ploeg in Murcia waar we de koers zowel op het vlakke als bergop domineerden was ons vooruit gesneld. En Parijs-Nice had natuurlijk ook meegeholpen. De eerste dag fietste ik naast Breuk die met zijn kaart op schoot zat in de auto. We waren de windrichting in de finale aan het bestuderen. Er kwamen diverse renners langs die mij een 'don't even think about it' naar mijn hoofd slingerden. Vandaag zou onze dag worden. De Focus was bij alle renners aanwezig bij de bespreking vooraf in de bus. De gebruikelijke Fun zou weer voor vanavond zijn tijdens het diner en het traditionele bakkie koffie achteraf. Vechten als leeuwen zouden we.
Plan de campagne: In het begin een mannetje mee in de vroege vlucht. Hierna zouden we op de eerste col van de dag vol tempo gaan rijden met de hele ploeg om de kopmannen van Astana te isoleren. Als Leipheimer en Contador alleen zaten in de finale zagen we kansen. De finish was op 1800 meter na een vrij gelijkmatige beklimming van 13 kilometer aan 4%.
Uitvoering: Juanma zat mee. Super voor ons want hij was in de vluchgroep ook nog de best geplaatste man in het klassement. De mannen van Astana zagen het gevaar en gaven de vluchters niet meer dan 1,5 minuut. Op de eerste verschrikkelijk steile col van de dag begonnen we eraan. Een machtig gevoel om met de hele ploeg het peloton je wil op te leggen. Na de klim en de afdaling waren de twee inderdaad geïsoleerd. Alleen die Kazachse ploeg is er natuurlijk niet een van pannenkoeken. Nog voordat Stef en ik aan ons slopingswerk konden beginnen, waren er weer drie ploegmaats door een miraculeus snelle afdaling teruggekeerd.
Rubiera kon weer gaan doen waar hij bij US Postal zeven jaar in gedrild was, het peloton onder controle houden. Jammer natuurlijk. Over naar plan B. De laatste klim. We begonnen met een seconde of 40 achterstand op het groepje van Juanma. Toen op tien kilometer van de top Inigo Cuesta met zijn 40 jaar de oudste man van het peloton aanging zag ik mijn kans en sprong ik mee. Dit mijn moment om de Fighting Spirit te tonen ging door mijn hoofd. Als iemand van 40 het kan, moet ik in de kracht van mijn leven het ook kunnen.
We sloegen een gat en na een km of twee moest Inigo eraf. Alleen ging ik verder. Op zoek naar Juanma die inmiddels gelost was. Nadat ik hem te pakken had, deed hij nog een fantastische kopbeurt voordat hij me naar voren slingerde. Gestaag liep ik in op de eenzame koploper. Nog zes kilometer te gaan en ik zag hem rijden. Ik begon erin te geloven en hoopte dat ze vanachter maar lang genoeg twijfelden. Maar wat gebeurt me nu? Opeens werd ik ingehaald door een batterij motoren op vijf kilometer van de meet. Er kwam een groepje langsgeblazen met Alberto himself op kop voor Levi. Maar wat zag ik tot mijn grote vreugde? Niet allee Dennis, maar ook Stef, waar ik mij de hele dag een beetje over had ontfermd, zaten strak in het wiel.
Op vier kilometer moest ik mijn doldrieste aanval bekopen en moest ik het groepje laten gaan. De finish komt dus ook van ooggetuigen. Dennis wordt tweede, er was nog een vermetele renner ontsnapt de laatste kilometer. Niet gewonnen helaas, maar we hebben gereden als leeuwen en het peloton weet weer dat Rabobank bestaat. Vanavond weer tijd voor koffie!
"Sterrenensemble"
25|03|09 Laurens ten DamVandaag ben ik gestart in de ronde van Castilla y Leon. Een tot voor kort redelijk onbekende koers in het binnenland van Spanje. Een koers waar de renners voor de Waalse klassiekers zich de afgelopen jaren voorbereidden op hun ultieme test, de veel belangrijkere en in hoger aanzien staande Ronde van het Baskenland. Een koers die zich buiten de periferie van de gemiddelde wielervolger bevond. Hij was in deze periode geobsedeerd door de koersen bij ons, die vlak na de Primavera plaats vinden. De laatste rechte lijn naar de Ronde van Vlaanderen en Parijs Roubaix wordt nu ingezet in koersen als Dwars door Vlaanderen de E3 prijs en de Driedaagse van de Panne.
Zo niet dit jaar. Op geen andere koers is het oude wielergezegde van toepassing de renners maken de koers. Het lijkt erop dat bijna alle tourfavorieten in hun voorbereiding via deze ronde van Castilla y Leon laten verlopen. Een koers die op dezelfde hoogte staat als bijvoorbeeld de Ster Elektrotour om maar een voorbeeld te noemen. Maar niet dit jaar. De sterren hebben deze koers opgewaardeerd tot een ijkpunt in wielerseizoen 2009. Zo starten alle tourwinnaars van de laatste 10 jaar, behalve Oscar Pereiro, en daaromheen rijden nog enkele andere grote ronde winnaars en podiumklanten.
Maar de grootste reden van de aandacht is natuurlijk de eerste clash tussen "the boss" en zijn beoogde opvolger. Ik weet niet hoe de kranten in de lage landen er vanochtend uitzagen, maar de Spaanse voorpagina's repten allemaal over hun eerste koers samen. En zo vond ik mezelf vanochtend terug op een mooi zonovergoten pleintje van een klein dorpje in het Spaanse binnenland. Duizenden mensen hadden de weg naar Paredes del Nava gevonden om zich te vergapen aan Valverde, Leipheimer, Sastre, Menchov, Vandevelde, maar vooral natuurlijk aan Armstrong en Contador.
De koers was hectisch vandaag. Hier in Spanje staat altijd veel wind en dat betekende dat de voortdurende dreiging van waaiervorming over het peloton hing. Voeg hierbij het opgewonden sfeertje dat bij de start hing en alle ingrediënten voor een stressvolle koers waren aanwezig. Er werd gewrongen bij het leven en het leek of de tourploegen elkaar de loef af wilden steken en onderling een wedstrijdje deden `gegroepeerd van voren rijden`. Continu reden de blokken van Astana, RABO en Caisse d´Epargne bij elkaar in de buurt. Uiteindelijk stond de wind toch niet goed genoeg en was alle stress voor niets geweest. Behalve dan dat de grootste ster van allemaal zijn sleutelbeen brak in een lullige valpartij. De eerste scheuren zijn al te vinden in zijn aureool van onaantastbaarheid. Hoe dan ook. Het sterrenensemble is de eerste dag al van haar meest prominente lid ontdaan!
"Bijgeloof"
03|03|09 Laurens ten DamIk moet bekennen dat ik een beetje bijgelovig ben. Dat past niet bij me vind ikzelf. Ik zie mezelf toch als een vrij nuchter persoon maar misschien ben ik toch emotioneler dan ik dacht.
Het is ontstaan tijdens mijn 2 jaren bij UNIBET. Daar zat ik in de ploeg met enkele Italianen en geen van hen pakte het zoutpotje aan als ze er om vroegen. Dat moest eerst op tafel gezet worden en dan pakten ze het daar weer van af. En de wereld was te klein als er eens zout gemorst werd. Dan werd met hele bakken tegelijk het zout weer over de linker en rechterschouder gegooid om al het onheil af te wenden. Aan deze rituelen begon ik mee te doen. Baat het niet, schaden doet het zeker niet, dacht ik bij mezelf. Nu ik weer bij de nuchtere Hollandse ploeg van Rabobank rijd wordt ik er af en toe om uitgelachen. Lau doe eens normaal en geef dat zout gewoon aan hoor ik regelmatig aan tafel. Dat maakt echt niks uit wordt me dan verzekerd.
Nu was ik afgelopen week op Mallorca. Ik heb daar heerlijk kunnen trainen en mezelf voorbereid op de komende weken. Volledige werkdagen op de fiets (en dan reken ik de schafttijd zelfs niet mee) werden afgewisseld met tempotrainingen bergop en trainingen op het vlakke achter de brommer. Ja, ik had mijn eigen piloot mee in de vorm van Thessa. Volledig ingepakt met alle thermokleding die ik mee had zette ik haar op het gehuurde vehikel en ik moet zeggen, ze deed me behoorlijk pijn! Maar deze pijn werd 's middags weer verzacht door in een ligstoel bij het zwembad plaats te nemen.
Alle voortekenen voor vandaag waren dus goed. Buiten die ene zwarte kat die ik op een van mijn lange trainingen de berm in zag vluchten, zag ik geen reden voor naderend onheil. Gisteravond tartte ik zelfs het noodlot door het zout van hand tot hand over te geven. Ik moest maar eens stoppen met het bijgelovige gedoe. Kreeg ik toch bij de start van Adri het rugnummer 13 uitgereikt. Het ongeluksgetal! Dit was het moment om definitief met mijn bijgeloof af te rekenen. Mij werd nog verzekerd door Koos dat hij met dit nummer Nederlands Kampioen was geworden. Maar ja, het blijft toch de aard van het beestje. Voor de zekerheid spelde ik een nummer toch maar, ondanks het commentaar van die nuchtere Hollanders in de ploeg, ondersteboven op.
Ik stond op de eerste rij bij de start en was mee met de eerste ontsnapping, net als bij mijn overwinning vorig jaar in het Criterium International. Ja ik gebruik het ook in positieve zin. Ik was vastbesloten om er een goede wedstrijd van te maken en voor eens en voor altijd met het bijgelovige spook in mij af te rekenen. Dat ging goed. Ik dacht al helemaal niet meer aan mijn nummer en ging volledig op in de koers. Na 120 km vond ik mezelf terug in de net ontstane eerste waaier van een man of 20. Zie je wel dacht ik, ik overwin al het naderende onheil vandaag.
En op dat moment liep mijn achterband leeg… Geen auto erachter, en binnengekomen in de 2e groep op meer dan 8 minuten…
"Chris"
19|02|09 Laurens ten DamIn december ben ik op trainingskamp geweest in de prachtige omgeving van Benidorm. Karsten Kroon had een joekelig groot huis gehuurd en gedurende 2 weken verbleef hier een bont gezelschap van wielrenners, hardlopers, triatleten en aanhang. Op het drukst was het toen 9 volwassen mensen en 3 kinderen aanwezig waren. Dat dit de hele dag door een kabaal en rumoer van jewelste was kan je je wel voorstellen natuurlijk.;-br: Een van de aanwezigen die ik niet kende was Chris, een vriend van Karsten. Hij bleek triatleet te zijn. En de volgende dagen leerde ik hem beetje bij beetje kennen. Zo ontdekte ik dat hij niet zomaar een triatleet was, nee hij had zich bekwaamd in de Iron Man afstand, en was dus een man van de lange adem.
Dat bleek dan ook. Zodra ik na de eerste duurtraining mijzelf uitgeput het laatste heuveltje naar huis en warme douche had opgeworsteld plofte ik moe maar voldaan op de bank neer. Groot was dan ook mijn verbazing toen ik zag dat Chris zich alweer had omgekleed. Wat ga jij in godsnaam doen vroeg ik hem. Mwoah, nog even een uurtje lopen antwoordde hij zonder enige vorm van twijfel. Ik wist dat triatleten trainingsbeesten waren maar hier kon ik met mijn pet niet bij.
Dit ritueel herhaalde zich de komende 4 dagen. Na onze 5 uur durende decemberworsteling ging Chris steevast nog een uur lopen of zwemmen en kwam dan weer vol energie het huis binnengestormd, waar ik dan lekker weg had liggen dommelen op de bank. Ik moet eerlijk zeggen dat ik hem wel van enige vorm van ADHD verdacht.
Zoals ik in het begin al aanhaalde, ik leerde hem steeds beter kennen. Zo was hij drievoudig en regerend Nederlands Kampioen lange afstand triatlon, maar hij deed nog meer. Hij begeleidt zo'n 100 atleten op afstand via zijn website cb-consultancy.nl en hij heeft in Nederland het legendarische Mapei fietsmeting systeem geïntroduceerd. En hier werd mijn belangstelling extra gewekt. Na jarenlange worsteling om goed op mijn tijdritfiets te zitten, heb ik afgelopen week bij hem aangeklopt. Bij de ploeg hebben we prachtige nieuwe tijdritfietsen van Giant gehad. Afgelopen week was die van mij definitief klaar en ik toog meteen richting Amerongen. want wie kan je nu beter op de fiets zetten als de Nederlands kampioen triatlon die zelf 180 km in die martelhouding zit?
Nu heb ik gisteren het volledige stappenplan doorlopen en hebben we enkele kleine aanpassingen gedaan aan de zadelstand. Deze aanpassingen zijn allemaal doorgevoerd na aanleiding van computeranalyses van videobeelden van mij op mijn tijdritfiets. Zo is nu de optimale zadelstand bepaald. Volgende maand test ik dan met de ploeg op de wielerbaan van Buttgen de aerodynamica in deze positie. Dan zullen de veranderingen vooral aan het stuur en de houding van de armen plaats vinden. Dit alles om de perfecte positie te vinden voor de tijdritten in de Giro en Tour waar de langste maar liefst 65 km bedraagt!
En Chris? Gisteren was hij opvallend rustig. Misschien had het ermee te maken dat hij net een halve dag terug was uit Lanzarote, waar hij trainingweken van 40 uur had gemaakt…
"Bellen"
05|02|09 Laurens ten DamIk ben nu een week terug uit Mojacar waar we met de ploeg echt een fantastisch trainingskamp achter de rug hebben. Heerlijk getraind en de sfeer in de ploeg was enorm goed. Ontspannen werkten we met 23 renners en de begeleiders naar het komende seizoen toe. Iedere dag trainen, masseren eten en daarna…
tafeltennissen.
Ja u leest het goed. Het hotel had een nieuwe aanwinst, een prachtige wedstrijdtafel. Nadat die de eerste dagen was ontdekt door de renners had verzorger Ton de Vaan een heuse knock-out competitie opgezet. En zo gebeurde het dat de hele ploeg enkele avonden achter elkaar om de tafeltennistafel gekluisterd zat. Nu wil het verhaal dat wielrenners niks anders kunnen dan fietsen en als grootste voorbeeld wordt dan "onze Joop" aangehaald die zichzelf eens onsterfelijk heeft gemaakt in het oer-Hollandse Sterrenslag. Nou ik kan u melden dat geldt niet voor iedere wielrenner. Het niveau werd hoger en hoger en avond na avond werden de partijen mooier. Dit alles uitmuntend in de finale tussen Bauke Mollema en Paul Martens. Dat was voor insiders niet zo gek. Bauke fietst pas drie jaar, maar als hij 3 jaar geleden was gaan tafeltennissen had hij ook Bundesliga gespeeld nu. Was hij gaan voetballen ook trouwens… En Paul? Voordat hij wielrenner werd was hij tafeltennisser! Deze finale werd dan ook op hoog niveau gespeeld en Paul trok aan het langste eind. Ondergetekende had trouwens wijselijk afgemeld voor de eerste ronde. Nadat ik strompelend met heel veel pijn aan mijn linkerscheenbeen aan was gekomen in Mojacar had ik even mijn buik vol van andere sporten. (zie mijn weblog over koorts…)
Een avond werd en niet gespeeld in Mojacar, althans niet door de renners. Er ging al dagen een gerucht de ronde dat er een hoge pief van de UCI langs zou komen. Hij zou ons alle ins en outs van het vernieuwde ADAMS systeem uit de doeken doen. En opeens was hij daar. In plaats van om 4 uur s middags begon de bespreking om 9 uur 's avonds want hij kon het hotel niet vinden. Dat begon al goed. En zo werden we van 9 uur tot half 12 overspoeld met cijfers en weetjes over de controles van vorig jaar. Bandbreedtes bloedwaarden en "missed tests", recorded, warnings vlogen over tafel. Maar een zinnig antwoord op de vraag waarom de ene renner 12 keer gecontroleerd wordt en de ander die 5 km verderop woont uit een andere ploeg maar 2 keer kon hij niet geven.
Het nieuwe systeem kwam er in het kort op neer: een uur per dag moet een renner aangeven waar hij zeker is. In dat ene uur wordt de renner niet opgebeld. De rest van de dag kan de renner altijd gebeld worden en moet hij zich spoeden naar de plek waar de controleur is. Dus volgens die man moest ik altijd mijn telefoon bij me hebben tijdens het trainen en hem ten allen tijde proberen op te nemen. Ook door de bel heenslapen wordt niet meer getolereerd.
Dit alles had grote gevolgen voor mijn dagelijkse gemoedsrust. Ik kan het tegenwoordig niet laten om tijdens trainen om de 5 minuten mijn telefoon uit mijn achterzakje te trekken en alle gemiste gesprekken na te gaan. Ook schrok ik iedere dag stipt om 7 uur wakker om dan tot 8 uur ingespannen te luisteren of ik de bel niet hoor. Vorig jaar ben ik er namelijk al verschillende keren doorheen geslapen en gered door Thessa die al op was.
Voor mij werd dit een onwerkbare situatie. Iedere dag ging ik meer en meer kapot. Het slaapgebrek wreekte zich. Hier moest een oplossing voor komen. En zo toog ik deze morgen weer onuitgeslapen op mijn rustdag richting Praxis. Ik moest en zou weer rustig slapen. En na een uurtje boren heb ik met pijn in mijn hart die mooie jaren 30 bel vervangen door een elektrische, met een extra unit in de slaapkamer!
"Koorts"
05|01|09 Laurens ten DamDe koorts bevindt zich in mijn lichaam. Zo'n 2 weken geleden begon hij op te spelen. Een beetje zoals een beginnend griepje. Eerst een pijntje hier, dan weer eentje daar. De gedachte die continu door je hoofd speelt: zou het doorzetten of niet? En ja hoor, na een aarzelend begin, zoals bij de meeste zware griep, brak hij de afgelopen dagen in alle hevigheid door.
De argeloze lezer die denkt dat ik mijn voorseizoen de mist in zie gaan door een hevige eindejaarsgriep zal ik meteen op het goede spoor zetten. Ik heb het over de schaatskoorts! Op trainingskamp aan de zonnige Spaanse costa's werd ik door de heer Krol ermee geïnfecteerd. En het verorberen van de kerststol in Noord Holland werd gecombineerd met een trainingstocht bij temperaturen van rond het vriespunt door de Eilandspolder. Zou er al een vliesje liggen?
2e Kerstdag werd er dan toch koers gezet richting Maastricht. Daar lagen namelijk de beste medicijnen tegen mijn opkomende griep. Mijn schaatsen. Ze werden liefkozend geslepen en het bekijken van het weerbericht beperkte zich inmiddels niet alleen meer tot het 8 uur journaal. Nee het hele internet werd afgespeurd om informatie te verkrijgen om mijn koorts te bestrijden. De ploegarts kon ik voor dit griepje niet bellen.
Na enkele tochten bij min 4 door de Limburgse heuvels op mijn mountainbike om mijn lichaam te "harden" werd het besluit genomen. Ik reis af voor 2 weken naar Noord Holland. Mijn schaatsen, slijpset, drie fietsen, een tackx kleding om te schaatsen en voor de komende ploegpresentatie werd in de Chevy geladen en zo komt het dat ik door mijn griep weer tijdelijk bij mijn ouders woon.
De afgelopen drie dagen is er door verschillende lange tochten geprobeerd vanaf te komen. En het rare is. Met iedere tocht werd de koorts heviger. Onverantwoorde methodes zijn gebruikt om hem te bestrijden, zelfs met een nat pak als resultaat, maar de koorts bleef. Het enige waardoor die nu lijkt af te zwakken is het weerbericht van het 8 uur journaal dat de komende 2 dagen flinke dooi voorspelt…
"Het beste medicijn tegen de koorts"
01|01|09 Laurens Ten DamKoorts
De koorts bevindt zich in mijn lichaam. Zo'n 2 weken geleden begon hij op te spelen. Een beetje zoals een beginnend griepje. Eerst een pijntje hier, dan weer eentje daar. De gedachte die continu door je hoofd speelt: zou het doorzetten of niet? En ja hoor, na een aarzelend begin, zoals bij de meeste zware griep, brak hij de afgelopen dagen in alle hevigheid door.
De argeloze lezer die denkt dat ik mijn voorseizoen de mist in zie gaan door een hevige eindejaarsgriep zal ik meteen op het goede spoor zetten. Ik heb het over de schaatskoorts! Op trainingskamp aan de zonnige Spaanse costa's werd ik door de heer Krol ermee geïnfecteerd. En het verorberen van de kerststol in Noord Holland werd gecombineerd met een trainingstocht bij temperaturen van rond het vriespunt door de Eilandspolder. Zou er al een vliesje liggen?
2e Kerstdag werd er dan toch koers gezet richting Maastricht. Daar lagen namelijk de beste medicijnen tegen mijn opkomende griep. Mijn schaatsen. Ze werden liefkozend geslepen en het bekijken van het weerbericht beperkte zich inmiddels niet alleen meer tot het 8 uur journaal. Nee het hele internet werd afgespeurd om informatie te verkrijgen om mijn koorts te bestrijden. De ploegarts kon ik voor dit griepje niet bellen.
Na enkele tochten bij min 4 door de Limburgse heuvels op mijn mountainbike om mijn lichaam te "harden" werd het besluit genomen. Ik reis af voor 2 weken naar Noord Holland. Mijn schaatsen, slijpset, drie fietsen, een tackx kleding om te schaatsen en voor de komende ploegpresentatie werd in de Chevy geladen en zo komt het dat ik door mijn griep weer tijdelijk bij mijn ouders woon.
De afgelopen drie dagen is er door verschillende lange tochten geprobeerd vanaf te komen. En het rare is. Met iedere tocht werd de koorts heviger. Onverantwoorde methodes zijn gebruikt om hem te bestrijden, zelfs met een nat pak als resultaat, maar de koorts bleef. Het enige waardoor die nu lijkt af te zwakken is het weerbericht van het 8 uur journaal dat de komende 2 dagen flinke dooi voorspelt…
""Pussy survival" "
15|12|08 Laurens ten DamTeam Riis heeft ieder jaar haar beroemde survival. Ieder jaar wordt ik tijdens de lange trainingen van de eerste week van december weer lekker gemaakt door Karsten. Hij vertelt dan stoere verhalen over 4 nachten slapen in het bos, dropping bij nacht en ontij en zwemmen in de Deense wateren bij een graad of vijf. Ik als fan van Gert-Jan Theunisse, de man die express in een bad van 5 graden ging liggen om te testen hoe lang die dat vol kon houden, smul van die verhalen.
Groot was mijn verwachting dan ook afgelopen week in de Eifel. In het communiqué van de ploeg stond dat we warme kleding en wandelschoenen mee moesten nemen. Dat betekende in mijn ogen maar een ding, survival! Ik trof mijn voorbereidingen. Twee weken voor het kamp met de ploeg sliep ik onder erbarmelijke omstandigheden in een tent in de Ardennen tijdens mijn vrijgezellenfeest (hieronder enkele foto's). Hier kon ik mijn uitrusting al testen. De hele week hield ik het weerbericht in de gaten en groot was dan ook mijn vreugde toen er voor de hele week sneeuw werd voorspeld.
Bij aankomst in het hotel trof ik enkele gelijk gestemde zielen. Kai Reus was ervan overtuigd dat we de eerste nacht om 4 uur uit ons warme bedje gehaald zouden worden. Een nachtelijke dropping was in onze ogen zo goed als zeker.
Maar de eerste dag verliep rustig. We hebben 2,5 uur gemountainbiked en na enkele vergaderingen begonnen we met zijn allen aan onze kersverse hobby, poker! Inmiddels was duidelijk geworden dat we de volgende morgen om 8 uur zouden ontbijten en dan om half 10 het bos in zouden trekken. Maar Kai en ik vertrouwden het nog steeds niet. Ik trof mijn voorbereidingen en mijn rugzak annex overlevingspakket stond gepakt naast mijn bed. Deze bevatte de broodnodige ingrediënten voor een survival, namelijk een bijl, hout en droge lucifers en een 10-pack snickers! Nadat Bauke het potje poker om 2 uur 's nachts winnend had afgesloten ging ik, toch een beetje waakzaam, slapen.
Groot was mijn teleurstelling toen ik dan om een uur of 8 mijn ogen opendeed. Ik was niet om 4 uur mijn bed uitgesleurd, maar zat gewoon om 8 uur te genieten van het uitstekende Duitse ontbijtbuffet. Om half 10 liepen we de bossen in. Bij het kamp aangekomen werd ons gesommeerd vuur te maken. Hierbij kwam mijn rugzak vol "supplies" van pas. Maar na het roosteren van enkele biefstukken zaten we met de ploeg om 4 uur alweer aan de "Kaffee und Kuchen". Hier was het dat mijn eigen rennersregisseur constateerde dat dit toch wel een "Pussy Survival" was geweest…
"Dominiek"
19|11|08 Laurens Ten DamIn de week van mijn verjaardag begin ik ieder jaar weer te trainen. Zo ook dit jaar. Die datum (13 november) heb ik lang geleden als deadline gesteld, omdat anders "Laurens de uitsteller" teveel de overhand gaat nemen en ik half december misschien nog niet eens op de fiets zit. Ik weet niet of je na 2 jaar al van een traditie mag spreken, maar inmiddels is het vaste prik dat ik in die eerste trainingsweek bij Dominiek langsrijd.
Dominiek is sinds mijn eerste jaar bij UNIBET.COM mijn vaste verzorger. Je kunt dit soort dingen moeilijk uitleggen, maar sinds onze eerste koers samen (de Ronde van de Middelandse Zee ergens februari 2006) was er een klik. Sindsdien rijd ik zeker 2 keer in de week bij hem langs voor een verkwikkende massage. Hij woont 23 km bij me vandaan, dus de perfecte afstand voor een hersteltraining met massage tussen de 2 trainingen in.
Inderdaad, ik kan die 2 keer 23 km opschrijven als 2 afzonderlijke trainingen. Want behalve die massage kom ik er natuurlijk niet weg zonder te hebben aangeschoven aan de typisch Vlaamse lunchtafel, waar de gesprekken uitsluitend over "de koers" gaan. Voor ik het weet zit ik hier na de massage nog een uur na te tafelen, natuurlijk met een droog "onderlijfke" aan uit Dominiek's kast, en luister ik met plezier naar de prachtige Vlaamse koerswijsheden. Volledig ontspannen en opgepept richting de komende koers fiets ik dan weer naar huis. Een dag later meld ik me alweer om 10 uur langs het kanaal om de laatste 2 uurtjes brommertraining te doen. Deze 2 uurtjes natuurlijk met klem aangeraden door Dominiek.
Maar Dominiek is meer dan een masseur alleen. Slaap ik voor de Tour een beetje minder, komt hij bij mij persoonlijk verduisterende rolgordijnen monteren. In mijn nieuwe huis hebben we 2 dagen aan een stuk de muren staan schilderen. En vooral in de zomer vervoegen wij ons graag bij de grote familie (er wonen in Dominiek's huis 6 volwassenen en 2 kleinkinderen) wanneer er weer eens wordt gebarbecued.
Maar in de rustperiode is er natuurlijk minder reuring. Dominiek doet nog enkele 6daagses en ik ben op vakantie. Het contact loopt vooral via de telefoon. We kijken allebei uit naar die eerste week. En vandaag was het zover. Het uurtje aan tafel was te snel voorbij en we hebben er maar een 2e aan toegevoegd…
8 november
Vakantie!
Kapot was ik de laatste weken van het jaar. Zoals oud ploegleider Hilaire zou zeggen: "Ten Dam kwam geen poot meer vooruit". En zo voelde ik me ook. Volledig uitgewrongen. Groot nadeel van deze staat van ontbinding was dat ik geen knappe koers meer gereden heb. Maar ja mijn mentor Johan vertelde het al. Ieder nadeel heeft zijn voordeel en zo kwam het dat ik nadat ik eenmaal de brui aan het seizoen gegeven had zonder veel wroeging enkele weken op vakantie kon. Geen enkele spijt als ik uitslagen van koersen zag. Ik had als ik tv keek zelfs geen illusie dat ik die of die kopgroep wel gehaald zou hebben, terwijl het er dan juist altijd zo makkelijk uitziet. Voor tv zijn er al veel koersen gewonnen. Geen WK dus voor me, maar een ouderwets WK-weekend bij mij thuis. Was toch ook wel weer geniaal. En na het toetje van het seizoen het NCK begon de vakantie dan echt.
De afgelopen weken ben ik dus door verschillende tijdzones gereisd. Eerst een weekje New York en roadtrip richting Niagara Falls amish en national park. Superweek gehad waar mijn verblijf in "de cel" van hotel Lollipop (een echte aanrader!) en de ontbijtjes in de City Diner weer voor de broodnodige verhalen zorgde.
Na een weekje thuis om het einde van het seizoen te vieren met de ploeg en mijn verhalen over "de cel" inmiddels mythische vormen hadden aangenomen vertrokken ik en Jan Schilder een weekje naar Curaçao voor nog meer verhalen.
Ook hier een prachtige week gehad. Een greep: Vissen van "minimaal een meter en 15 kilo". 's Avonds BBQ op strand van eigen buit. Afterparty's duiken, zwarte cross… en dolfijnzwemmen.
Na al dit vakantiegeweld is de batterij dus weer opgeladen. Het hoofd is leeg. Ik betrap mezelf er af en toe op dat ik weer eens de kelder inloop om een beetje dromerig naar mijn fixie te staren. Misschien volgende week maar eens een lekker rondje? Zou ik het nog kunnen?