Aanstaande zondag zit ik de hele middag voor de televisie naar een wielerwedstrijd te kijken. Dat doe ik niet snel hoor. Maar Parijs-Roubaix. Dat is een ander verhaal. Ik vind het misschien wel de mooiste klassieker om te zien. Het stof of de modder, de heroïek en het drama. Als dat je als sportliefhebber niet aanspreekt, is er iets met je aan de hand. Maar Parijs-Roubaix rijden is een ander verhaal.
Ik heb hem een keer gereden bij de espoirs. Dat was in het jaar dat Kozontchuk won. Sindsdien heb ik een hekel aan kasseien. Een gruwelijke hekel zelfs. Wat een verschrikking. Het schijnt dat ik er nog goed overheen ga ook. Het tempo was in elk geval geen probleem, maar het schudden en schokken kan me gestolen worden. Ik moest op een gegeven moment van de fiets vanwege de pijn in mijn handen. Uiteindelijk wel uitgereden, maar liever nooit meer. Geef mij maar de Brabantse Pijl of de Amstel Gold Race. Dat zijn leuke koersen. Zwaar, maar ze geven voldoening en je staat niet op een trilplaat.
Afgelopen zaterdag zou ik de kleine Amstel Gold Race rijden, de Hel van het Mergelland. Daar had ik me weer wel enorm op verheugd. Een hartstikke leuke koers, met al die venijnige steile klimmetjes in Zuid-Limburg. Maar de rug wilde ineens niet meer. Donderdag begon het. 's Ochtends een beetje, maar het werd steeds erger. Je denkt dan dat het wel zal meevallen voor de koers, want dit waren mijn eerste rugklachten ooit, maar zaterdagochtend was het op zijn ergst. Toen hebben we de knoop doorgehakt. Niet fietsen.
Het was wel even zuur. Na de Brabantse Pijl was het gevoel geweldig goed. Eindelijk een zware koers met goed gevoel uitgereden. Dat was een enorme stimulans voor het vervolg deze weken. Mergelland is bovendien mijn favoriete terrein. Ik keek er al enkele weken met plezier naar uit. Ja, even een brok in de keel toen het niet kon. Je vraagt je dan even af of je al niet genoeg hebt meegemaakt.
Maar we moeten er geen groot drama van maken. Het gaat inmiddels alweer stukken beter. Onze osteopaat Björn van Melkebeke komt lang om me onder handen te nemen. Daar is bewust mee gewacht. Afgelopen weekend was de blessure nog te vers. Die moest eerst uitharden zoals ze dat noemen. Zaterdag was er nog wel een lichte behandeling en die gaf al wat verlichting. Maar het hoort gewoon bij topsport. Geen enkele topsporter is een heel seizoen blessurevrij.
Het is ook wel logisch als je er even over nadenkt. Na anderhalf jaar relatieve passiviteit ben ik nu sinds enkele maanden weer alle spiergroepen aan het activeren en dat steeds intensiever. Ach, hier zit ik een weekje mee. We verwachten dat ik het Paasweekende weer op de fiets kan trainen. Tot halverwege deze week mocht ik alleen liggen of lopen. Zitten niet, dat is slecht voor je. Maar ik heb wel een klein stukje op een gewone stadsfiets gereden. Kon het niet laten. Als alles goed blijft gaan, rijd ik in de Scheldeprijs weer mee. Met een brok energie. Zo zie je dat het ook weer ergens goed voor is.
We zitten nu alweer bijna een week in het Zuiden van Spanje. Ik heb volop de tijd gehad om eens goed om me heen te kijken, want alleen zondag was het voor mij koers. Sindsdien train ik dagelijks op mijn eentje. Met uitzondering van vandaag, donderdag, want dat was mijn vaste rustdag. Daags voor de Clasica Almeria ging ik trainen met mijn roommate Koos Moerenhout. We kwamen na een paar uur aangeslagen terug in het hotel. Onderweg zagen we dingen, die je in Nederland niet meer tegenkomt. De regio maakt soms nu en dan een armoedige indruk. "Wat hebben we het goed in Nederland", zei Koos. En daar ben ik het roerend mee eens.
Neem bijvoorbeeld de tuinbouw hier. In Nederland hebben we kassen van glas. Hier zijn er heel veel van plastic. Want dat is een stuk goedkoper. De huizen zien er soms niet uit. De mensen zijn vriendelijk en voorkomend, maar de armoede straalt er vaak van af. Een wereld van verschil met de vorige week toen we rond de Haut Var aan de Côte d'Azur zaten. Daar was het druk, leven de mensen in luxe en gaat het allemaal gejaagder en minder vriendelijk. Hier lijkt het wel of de tijd heeft stil gestaan. Al is het wel heel regio gebonden. De stad Almeria is bijvoorbeeld heel modern en luxe, maar kom je tien kilometer verder, dan ligt de schraalheid op straat.
Land van tegenstellingen
Spanje is een charmant en gastvrij land, maar toch ook een land van grote tegenstellingen. Dat is best wel schrikken hier in het Zuiden. Ik ben al vaak in Spanje geweest, maar vrijwel altijd noordelijker en daar is het toch wat anders. Hier was het deze week best wel een tegenvaller voor me. Nee, verdwaald ben ik niet in al die schrale dorpjes en ik heb geen GPS bij me. Sterker nog, zo'n ding heb ik helemaal niet nodig. Mijn richtingsgevoel is prima. Ik red mezelf altijd.
Je komt trouwens regelmatig in volstrekt uitgestorven dorpjes, dus de weg vragen is er nauwelijks bij. Dorpjes vol met kleine vakantiewoningen. Huizen van Duitsers en Engelsen en misschien ook wel Nederlanders. Maar die zijn er nu niet. Soms kwam ik drie of vier mensen tegen in het gehele dorp en verder allemaal lege woningen. Ik zou er trouwens geen vakantiehuis kopen. Ze kosten 100.000 euro, maar dat vind ik eigenlijk al te duur. De huizen zijn niet zo swingend en er is hier verder niets om je mee te vermaken. Een doods landschap en weinig leven in de brouwerij.
Maar genoeg somberheid, want met mijzelf en zeker met de ploeg gaat alles goed. Zondag de Clasica Almeria gereden. Daar was ik heel actief in de eerste twee uur. In de finale brak het en raakte ik in de tweede groep verzeild. Maar ik was tevreden en Adri van Houwelingen ook. Er zit absoluut progressie in. Als ik dit vergelijk met Australiè, dan is dit een wereld van verschil. Kan niet wachten op mijn volgende wedstrijd en komend weekeinde hoor ik wanneer dat is.
Oude rot Koos
Tot slot wil ik nog iets kwijt over Koos Moerenhout. In de Côte d´Azur was hij mijn roommate en de eerste drie dagen hier ook. Koos wordt een oude rot. Zegt hij zelf. Dus mag ik dat best herhalen. Het was voor mij een openbaring bij hem op de kamer te liggen. Ik ben best wel eigenwijs. Dat weten de mensen die me kennen. Ik neem niet zo snel iets aan van andere renners, maar Koos bereikte mij wel. Dat was een leuke ervaring en een wijze les. Oudere renners houden het niet voor niets zo lang vol. Koos heeft me weer een klein stapje verder gebracht. Bedankt Koos, oude rot.
Het is nu vrijdagmiddag 27 februari, Schiphol. Ik ben zojuist langs het vliegtuigwrak van Turkish Airlines gereden. Een triest gezicht, maar het creëert bij mij geen vliegangst. Ik ben waarschijnlijk al eenmaal de wereld rond gevlogen. Dan weet je dat het een hele veilige manier van reizen is. We staan op het punt om naar Spanje te gaan. Daar rijd ik zondag weer een koers, de Clasica Almeria. Een leuke test voor me. Een paar dagen later begint de Ronde van Murcia. Daarvoor sta ik op de reservelijst en dat komt mij in principe wel goed uit.
Nu we een tijdje verder zijn, moet ik namelijk toegeven, dat mijn start in de Tour Down Under te vroeg was. Het is allemaal toch te snel gegaan. Maar ja, ik wilde zelf heel erg graag. In Australië werd dat afgestraft, al is het ook een goede trip voor me geweest en een wijze les. Daarna volgde een andere aanpak. Kilometers maken en nog eens kilometers maken. De afgelopen week was ik nog met een aantal jongens in de streek waar de Haut Var is gereden. Daar hebben we lekker getraind.
Het resultaat van het werk in de laatste maanden loont zich. Ik merk het aan mijn hartslag en mijn wattage. Ik kan mijn blokken bovendien beter afwerken en de belasting wordt steeds verder opgeschroefd. Afgelopen week kwamen we na vijf dagen hard trainen nog over de Tanneron, de col waar Robert Gesink vorig jaar in Parijs-Nice helaas zijn leiderstrui kwijtraakte. Daar heb ik me serieus getest. Nou is een training geen wedstrijd. Maar dat ging zo goed, dat het mij heel veel vertrouwen gaf.
Ik zou jullie graag veel leuke anecdotes willen vertellen, maar eerlijk gezegd verandert er niet veel aan mijn dagelijkse agenda. Het is vooral veel fietsen. Ik wil niet zeggen dat het eentonig wordt, maar het zit er niet ver vanaf. Wel is de rust rond mijn persoon weer een beetje teruggekeerd. De aandacht is minder dan rond Down Under. Het was even druk. Ik heb wel overal aan mee gewerkt, want het hoort erbij. Alleen wil het bezoek aan Pauw & Witteman niet lukken. Ik kreeg afgelopen week weer een uitnodiging, maar dat heb ik afgehouden. Trainen staat nu voorop.
En voor wie het weten wil na het zien van 'vaders en zonen', de relatie met mijn vader is weer fantastisch. Toen was er wat frictie, maar daar zijn we heel goed uit gekomen. Ik voelde me toen zo en ik ben er de persoon niet naar om er omheen te draaien. Ik snap de houding van mijn vader destijds nu ook beter. Hij maakte zich zorgen om me. Heel goed bedoeld. Nu ben ik zelf veel verder dan tijdens de opnames van dat programma. Mijn ambities zijn terug en die kan ik ook beter kanaliseren. En mijn vader speelt daarin ook een rol. Gelukkig.
Zo zit je in Australië in de stikkende hitte, vervolgens in een koud en nat Nederland en dan weer in lekkere omstandigheden op Mallorca. Het heeft er nog even om gehangen of ik er hier bij kon zijn, want na terugkeer uit Australië ben ik ziek geworden. Een combinatie van jetlag, een heel groot temperatuursverschil en misschien een of ander griepvirus. Dat was dus weer een kleine terugslag. Ook mentaal betekende het een tikje.
Het vertrek naar Mallorca werd zelfs even uitgesteld. Ik ben zaterdag pas geland. De rest van het team was er al drie dagen. Ik was nog niet koortsvrij, vandaar. We hebben snel beslist dat ik hier niet zou koersen. Hier al rijden zou onverstandig zijn, maar het is wel een betere omgeving dan in Nederland om te trainen. Vandaag was het rond de 16 graden. Prima dus. De opbouw was rustig. Zondag een uur, maandag twee uur en vandaag drie uur. Het ging lekker, maar ook al voel ik me beter, ik merkte ook heel goed, dat ik nog niet helemaal fit ben na die ziekte en de antibiotica-kuur.
Het is ook prima weer zo dicht bij het team te staan. Bovendien is hier de kern van Down Under aanwezig en daar was de sfeer werkelijk fantastisch. Mijn maatje Tom Leezer rijdt ook nog eens als een kogel. Dat is genieten. Ik zag het in mijn hotelkamer op tv. Formidabel. Ik had nog wel willen zien wat er vandaag was gebeurd zonder valpartij. Hij kon voor eigen kans gaan, want Graeme was er niet bij en kijk eens wie hij allemaal klopt.
Ik weet nog niet wanneer er weer een koers voor mij op het programma staat. Dat moet in overleg met de ploegleiding worden bepaald. Maar ik verwacht zelf dat het begin maart zal zijn. Waar, dat zien we dan nog wel. Deze maand ga ik wel mee met de ploeg die in de Haut Var rijdt. Maar ook daar zal er door mij alleen getraind worden. We zijn er vijf dagen. Tsja, dat is momenteel nu eenmaal mijn lot. Geen koersen maar trainen. Allemaal door die griep. Het valt wel tegen, want na Australië wil ik wel weer in een wedstrijd aan de gang
Ook zit de redactie van Pauw & Witteman nog te hengelen. Kort na Australië was ik uitgenodigd. Op de dag dat Huub Stevens opstapte bij PSV. Dat kreeg toen voorrang en twee sportitems in de uitzending vonden ze teveel. Het verzoek hielden ze aan. Nu willen ze dat ik volgende week alsnog kom. Maar mijn herstel en rentree in het peloton heeft voorrang. Bij Pauw & Witteman, leuk, maar niet ten koste van iets. Ik zal dat nog even moeten bekijken.
De afgelopen twee dagen zijn heel goed bevallen. Prima getraind. Ik heb de uurtjes kunnen maken, die gepland waren. Dit keer heb ik wel bijzondere dingen beleefd. Hele aparte dieren gezien. Bijzondere vogels, grote ook. De lopende dieren die ik zag waren helaas dode langs de kant van de weg. Tsja, dat krijg je als er zo roekeloos wordt gereden als hier. Dat was het enige waar ik niet zo blij mee was in Australië. Het weggedrag van de automobilisten. Trainen was ook niet geheel van gevaar ontbloot. Je moet ontzettend goed opletten.
De wegen daarentegen zijn wel erg goed. Alles staat zeer goed aangegeven, zoals haarspeldbochten. Nergens zag ik het beter. Tijdens de training zocht ik steeds naar aparte routes. Hier en daar de weg afgestoken, maar na een kilometer vier of vijf liep de weg dan dood. Soms was het een lugubere route. Verschillende keren kwam ik wat zonderlinge huizen tegen. Tweemaal werden alle ramen en deuren heel snel gesloten. Een wat luguber gevoel. Een aparte ervaring ook hier in Australië, want de meeste mensen zijn heel open, heel vriendelijk en heel gastvrij.
Vandaag hoefde ik trouwens niet alleen te fietsen. De Zwitser Michael Schär van de Astanaploeg is meegegaan. Hij is in de etappe van donderdag ook uitgevallen na een valpartij. Verwondingen aan zijn enkel en rug, maar fietsen ging gelukkig weer. We kennen elkaar al uit de juniorentijd. Toen trokken we al wel eens met elkaar op. Dat was dus een leuke ontmoeting hier. Vandaag was het ook gezellig. Onderweg hebben we nog koffie gedronken.
De twee weken in Australië zitten er nu op. Maandag gaan we weer naar huis. En zoals ik al heb gezegd, is het me heel erg goed bevallen. De opgave is jammer, maar het algemene gevoel is erg goed. Het was heel erg goed er weer bij te zijn en de hardheid van een koers op dit niveau mee te maken. Ik heb weer een stap voorwaarts gemaakt. Het was ook leuk te merken hoe mensen met me meeleven. Ik ben bedolven onder mails, sms-jes en reacties via mijn website. Daar wil ik iedereen hartelijk voor bedanken.
De ronde hier is voor mij voortijdig tot een einde gekomen, maar toch ben ik blij met de eerste twee dagen. Ik heb zojuist nog met Adri van Houwelingen gesproken. Die denkt er net zo over. Toen ik naar Australië kwam, wist ik dat alles kon gebeuren. Ook een voortijdig uitstappen. Uiteindelijk is dat donderdag gebeurd, maar niet omdat ik niet goed was of zo. Ik had gewoon de pech dat de koers al in de eerste kilometers helemaal ontplofte en dat het daarna nooit meer is stil gevallen. Het was min of meer een grote lange finale. Als ik maar een kwartiertje op adem had kunnen komen, maar dat moment kwam niet. Ze bleven maar gaan.
Bij de start hoopte ik op een rustige dag. Want de tweede etappe had er wel in gehakt. Dat was een zware rit onder zware omstandigheden. Toen merkte ik dat de koershardheid nog ontbreekt. Maar daar zijn deze wedstrijden nou net voor. Om dat weer op te bouwen. Ik miste het vermogen om aan te haken toen de wedstrijd ontplofte. Er was geen tijd om op ritme te komen en tussendoor geen adempauzes. Ik belandde in een groep van een veertigtal renners. Met onder anderen Gert Steegmans en Robbie McEwen. De jongens van Katusha zijn vervolgens gas gaan geven om hen terug te brengen. Daarbij moest ik er af. Na anderhalf uur zag ik in dat het verder nutteloos was.
En nu? Ik ben eigenlijk niet ontevreden. Dat klinkt tegenstrijdig, maar ik heb al zo ontzettend veel meegemaakt, dat die eerste twee dagen voor mij pure winst zijn. Het hier zijn, is voor mij een positieve ervaring. Donderdag was natuurlijk een teleurstelling, maar de deceptie was ook weer niet zo groot, omdat ik me gewoon goed voel. Het gaat ook om de reden waarom je afstapt. En die was eigenlijk best begrijpelijk.
Vandaag heb ik het rustig aan gedaan. Ik zou eerst niet trainen, maar ben om een uur of twaalf toch even gaan uitrijden. Een uurtje of anderhalf. Dat was hartstikke lekker. Na terugkeer in het hotel ben ik even gaan slapen. Na een tijdje werd ik badend in het zweet wakker. Alsof er een koortsaanval was geweest. Misschien een terugslag van de afgelopen dagen. Ik maak me geen zorgen, want ik was niet beroerd en het was ook weer snel over.
Vervolgens dacht ik even dat we weer gewonnen hadden. De finish was tachtig kilometer van het hotel en de ploeg bleef langer weg dan nodig. Maar toen bleek dat ze in de file hadden gestaan. Graeme tweede en Tom zesde. Toch ook niet gek. Het gaat goed met de ploeg hier. Ik heb ook even getwijfeld of ik zaterdag in de volgwagen zou meegaan. Dat wordt een interessante rit. Maar uiteindelijk is de keuze toch op een training gevallen. Een uurtje of vier kilometers maken. Zondag ook. Daarna gaat de blik al op Mallorca. Een trainingskamp gevolgd door wedstrijden. Ik kan er niet op wachten.
Aan de eerste test heb ik vandaag een goed gevoel overgehouden. De klassering, 93e op 1:20, zegt niet zoveel hoor. Ik heb bijna de hele etappe goed mee kunnen draaien. Daar was het me om te doen. Eens zien waar ik nu sta. dat dat niet aan de top is, was bekend. Maar dat ik tot in de finale mee kan, daar ben ik heel content mee. Pas in de laatste vijf kilometer zat ik tegen mijn limiet. Op een kilometer van de finish heb ik het laten lopen.
Het is duidelijk de wedstrijdhardheid waar het nog aan schort, maar dat gaat uiteindelijk ook wel goed komen. Er is progressie en dat is een geweldige motivatie. Het was ook een lastig dagje. Gelukkig niet zo warm als dinsdag. Toen hebben we op onze meters op de fiets temperaturen van 44 graden gemeten. Een onwijs warme dag. Vandaag was het dik tien graden koeler. Gelukkig. Maar altijd nog warm genoeg voor ons Europeanen. Het verbaasde me dan ook dat het, ondanks die warmte en de lastigheidsgraad van het parkoers, toch een halve massasprint werd. Daar had echt bijna niemand op gerekend.
Dat geldt natuurlijk ook voor onze snelste Aussie, Graeme Brown. Wie rekent er nu op, dat hij in deze rit om de overwinning mee kan doen? Hij rijdt hier goed, maar dit was toch verrassend. Graeme gaat voor een ritzege, natuurlijk, maar hij kan inmiddels toch ook naar het klassement kijken. Als hij al ooit het eindklassement van een ProTour-koers kan winnen, dan is het hier. Er komt nog een lastig obstakel, dat is zaterdag. In de finale moeten we tweemaal een klim van drie kilometer op. De top ligt op twaalf kilometer van de meet.
De wijze waarop Graeme hier rijdt, is trouwens symptomatisch voor de Australiërs. Die rijden allemaal heel erg hard. Het is natuurlijk hun koers. Maar ze zijn ook al wat langer in training dan wij. Sommigen hebben zelfs al wedstrijdkilometers in de benen.
Die kilometers ben ik nu ook aan het kweken. De wijze waarop dat nu gaat, is prettig. En als ik dan nog iets voor de ploeg kan doen, is dat mooi en motiverend. Zo heb ik Graeme dinsdag lange tijd kunnen ondersteunen en uit de wind gezet. Het is gewoon goed er weer bij te zijn en een bijdrage te kunnen leveren. Ook de ontvangst in het peloton was heel prettig. Ik ben met open armen ontvangen. Natuurlijk door generatiegenoten, die mij kennen. Maar ook door renners, die ik alleen van naam ken. Ik verbaas me erover dat iedereen mijn verhaal kent. De wijze waarop ik ben ontvangen in het peloton is in elk geval groots.
De eerste koerskilometers in het ProTeam zitten er op. Het was een korte wedstrijd in Adelaide, 51 kilometer, maar er is snoeihard gereden op die kleine omloop. Het parkoers liep trouwens wel lekker. Geen gevaarlijke bochten en brede wegen. Ik heb me goed kunnen handhaven en nu de kop eraf is, heb ik een lekker gevoel. Dat is ook de insteek. De oude prikkel moet weer terugkeren. Het gaat wel goed nu, maar ik ben natuurlijk nog lang niet de oude. In de tweede rit woensdag en vijfde zaterdag wil ik me serieus testen. Zien hoe de vlag erbij staat. En of ik nu honderdste wordt of dertigste, dat maakt niet uit. Ik wil zelf voelen hoe het nu gaat.
Het is wel heerlijk weer deel uit te maken van een team. Vorig seizoen was dat ook al zo bij een paar wedstrijden in het Continental Team. En nu in het ProTeam. Het voelt voor mij in ieder geval weer als vanouds. Tussen de jongens, met zijn allen op pad. Het is natuurlijk niet nieuw voor mij, maar er zit wel een gat tussen van anderhalf jaar. Net of alles gewoon weer verder gaat. Een vreemd gevoel, wat ik niet helemaal kan beschrijven. Maar ondanks die lange periode van afwezigheid is er een gevoel of ik nooit ben weggeweest.
De hele week zit trouwens wel vol met aparte ervaringen. Zoals toen we hier aankwamen. De vrijdag voor ons vertrek stond ik nog op het ijs. Maandag kwamen we aan in Adelaide en dinsdag was het hier 45 graden. Niet normaal zeg. Gelukkig zijn de trainingen daarop aangepast. Want dit zijn absurde omstandigheden. Het is een aanslag op je gestel wanneer je je bij dit soort temperaturen zwaar gaat inspannen. Bovendien is het niet goed voor je huid met die felle zon hier. We moeten ons dan voortdurend insmeren. Maar gelukkig was het de tweede helft van de week draaglijker. Op vandaag na dan. Het was best warm tijdens de koers.
Je zult je afvragen of we ons niet verveeld hebben de afgelopen week. Aangepaste kortere trainingen en een volle week wachten. Misschien levert dat voor sommigen verveling op, maar ik heb me wel vermaakt. Veel gelezen en veel bezoekjes aan de stad. We zijn ook naar een dierenpark geweest van inheemse dieren. Koala's, kangaroes, dingo's. En de directeur van de plaatselijke Rabo-vestiging had ons uitgenodigd voor een leuke barbecue. Genoeg te doen dus. Al is het wel leuk dat het eindelijk is begonnen.
Lance Armstrong zal zich ook niet hebben verveeld. Hij maakt hier de gemoederen wel los. Wat een mediacircus. Maar daar speelt hij ook als een showman op in. Pas voor het weekend zou Lance zijn intrek nemen in ons hotel. Er stond een hele batterij camera's klaar, maar hij kwam gewoon niet. De komst werd ineens een dag uitgesteld. De toestanden rond zijn trainingen waren helemaal lachen. Hij werd achtervolgd door politie, beveiliging en pers. Na de trainingen stapte hij dan op weg naar zijn appartemen over in een kleine auto. Een geweldig circus. Het zou helemaal niks voor mij zijn, maar ik verdenk Lance ervan dat hij er wel van geniet....
| Naam: | Kai Reus |
|---|---|
| Geboortedatum | 11 maart 1985 |
| Woonplaats | Lanaken (België) |
| Lengte | 1.85 |
| Gewicht | 70 kg |
| Bij Rabo sinds | 2004 (beloften) |
| Eigen website: | www.kaireus.nl |
| Kampioenschap Vlaanderen junioren (2002) Wereldbeker junioren (2003) Tryptique des Barrages beloften (2004) Ronde van Normandië beloften (2004) Ronde van Normandië beloften (2005) NK weg beloften (2006) NK tijdirit beloften (2006) Tour of Britain (2009) Tour of Britain (2009) |
1 1 (Overall) 1 (Overall) 1 (Overall) 1 (Overall) 1 1 1 (Etappe 2) 4 (Overall) |
|---|